Met het wetsvoorstel “strafbaarstelling gebruik persoonsgegevens voor intimiderende doeleinden” komt er een maximale gevangenisstraf van één jaar op het verschaffen, verspreiden of anderszins beschikbaar stellen van identificerende persoonsgegevens van een ander met het doel om die ander vrees aan te jagen, ernstige overlast aan te doen of ernstig te hinderen in de uitoefening van zijn ambt of beroep.

Het publiceren van dergelijke persoonsgegevens, ook wel doxing genoemd, is ook een overtreding van de privacywet AVG en ook onder de AVG al strafbaar. De Autoriteit Persoonsgegevens kan de verwerking van de gegevens verbieden of die laten verwijderen en een boete opleggen aan de dader. Met de nieuwe wet is het daarnaast als slachtoffer mogelijk om meteen naar de politie te stappen en loopt de dader zelfs kans op een gevangenisstraf.

Overheid als databron

Volgens AP-voorzitter Aleid Wolfsen kan informatie voor doxing overal vandaan komen. “Maar de overheid moet ook de hand in eigen boezem steken en aandacht hebben voor de bronnen van gegevens die voor doxing worden gebruikt. De overheid zou wetgeving moeten aanpassen om te voorkomen dat gegevens uit haar eigen registers worden gebruikt voor doxing”, zo merkt hij op.

De privacytoezichthouder stelt dat de huidige wet- en regelgeving ertoe leiden dat in het Handelsregister en het Kadaster te veel gegevens toegankelijk zijn die bruikbaar zijn voor doxing. “Die kunnen nu ook worden opgevraagd zonder dat de aanvrager hoeft aan te tonen dat hij een specifiek belang heeft bij het verkrijgen van die gegevens”, aldus de AP, die vindt dat persoonsgegevens in het Kadaster en Handelsregister beter moeten worden afgeschermd.

Zo kunnen via het Handelsregister van de Kamer van Koophandel woonadressen van thuiswerkende zzp’ers worden opgezocht. De AP adviseerde het ministerie van Economische Zaken vorig jaar om de woonadressen van thuiswerkende zzp’ers voortaan af te schermen. Maar het ministerie nam dit advies niet over.

In het Kadaster zijn per adres gegevens over de eigenaren van een pand op te vragen, waaronder naam, geboortedatum, of iemand getrouwd is en de prijs die iemand voor het pand betaald heeft. Deze informatie is voor iedereen tegen betaling toegankelijk. Volgens de AP is ervoor deze “royale inzagemogelijkheden” geen noodzaak.

Bron: security.nl