Ga naar de inhoud
25 juni 2019 • Blog

Kabinetsvisie privacy: mededinging moet privacy techreuzen reguleren

Het is een bekende valkuil. In een visie beschrijf je waar je voor gaat, wat je ambieert. In je beleid hoe je er komt. Wanneer hebben we in Nederland gedegen privacybescherming? Wat kan of heeft de burger dan? Die vraag blijft onbeantwoord in de kabinetsvisie over privacyrisico’s die minister Dekker deze maand naar de Tweede Kamer stuurde. Toch is het wel een afgewogen, gedegen beleidsdocument, met logische conclusies en aanbevelingen, waarin een aantal zaken opvalt. Bijvoorbeeld de inzet van mededingingsrecht om dataverzameling door de techreuzen tegen te gaan.

Bewustwording, toegang tot de rechtspraak en extra regels

Om de privacy te beschermen zet het kabinet in op bewustwording, laagdrempeligere toegang tot procedures en rechtspraak als privacy geschonden wordt en op extra regelgeving waar nodig. Bijvoorbeeld bij wraakporno of het publiceren van filmpjes van ongelukken online.

Mededinging om privacy te reguleren

Opvallend is dat de minister de mededingingswetgeving noemt als middel om grote techbedrijven te reguleren. En niet de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). De mededinging kijkt naar misbruik van een machtpositie. Zo kreeg Google al twee miljardenboetes van de EU omdat ze telefoonmakers die Android gebruikten hebben verplicht de Google zoekmachine te installeren en omdat ze concurrenten extra benadeelde met haar advertentiedienst AdSense. Beboeten op mededingingsaspecten lijkt vooralsnog inderdaad meer zoden aan de dijk te zetten dan boetes voor privacyovertredingen, maar je beboet de hardrijder eigenlijk omdat de auto niet aan de milieunormen voldoet.

Extra regels reflex

De minister geeft ook aan dat hij gaat bekijken (2020) of de AVG voldoende waarborgen biedt om profilering die leidt tot prijsdiscriminatie tegen te gaan. Hiervan is sprake wanneer de burger voor producten of diensten wordt uitgesloten of daarvoor hogere prijzen moeten betalen, zonder dat daarvoor een terechte grond bestaat. Dat is vaak een politieke reflex, een roep om extra regels. Mijns inziens wordt deze situatie voldoende afgedekt door de AVG. Maar er dient natuurlijk wel op gehandhaafd te worden. Alhoewel de AP het afgelopen jaar een aantal verkennende onderzoeken deed en opinies gaf (1, 2, 3, 4) is dit soort misstanden ook nog niet aangepakt.

Hand in eigen boezem

Het document focust alleen op horizontale privacy, dat wil zeggen privacy in de relatie bedrijfsleven-burger en de relatie burger-burger. Dat is toch wel jammer want de overheid is er ook nog lang niet.