In juni stemde een meerderheid in de Eerste Kamer in met de wet, nadat de Tweede Kamer in december 2016 al akkoord was gegaan.

De politie mag vanaf 1 maart allerlei soorten apparaten, zoals computers, smartphones en servers, binnendringen om bewijs voor misdrijven te verzamelen. Op die manier kan de politie bijvoorbeeld communicatie afluisteren of gegevens kopiëren.

In december werd in de vaste kamercommissie voor Justitie en Veiligheid nog kritiek geuit op de mogelijkheid om verdachten te hacken, omdat de bevoegdheid veel verder gaat dan een huiszoeking. “Continu 24/7 wordt alles van iemand bekeken, inclusief de mensen die toegang tot die (digitale, red.) omgeving hebben en de omgeving rondom de verdachte heen”, gaf de commissievoorzitter destijds de kritiek door aan minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus.

Ook was er kritiek op de minister omdat hij volgens commissieleden niet voldoende beargumenteert waarom de huidige middelen, ten opzichte van de hackbevoegdheid, tekortschieten. “Dit wekt de indruk dat u deze bevoegdheden invoert niet omdat het moet, maar omdat het kan.”

Lees verder op NU.nl