UBO staat voor Ultimate Beneficial Owner en betreft de eigenaar of eigenaren van een onderneming of de mensen die zeggenschap over een organisatie hebben. Sinds 27 september vorig jaar moeten organisaties UBO’s in het UBO-register inschrijven. Het register volgt uit de Europese vijfde anti-witwasrichtlijn en moet financieel-economische criminaliteit tegengaan, zoals witwassen van geld, belastingontduiking, fraude en financiering van terrorisme.

Een deel van de gegevens van de UBO is openbaar. Het gaat om voornaam en achternaam, geboortemaand en -jaar, nationaliteit, woonstaat en aard en omvang van het economische belang van de UBO. Tegen betaling van 2,50 euro per uittreksel kan er in het UBO-register worden gezocht. De openbaarheid van gegevens zou volgens de EU een afschrikkende werking hebben op personen die geld willen witwassen of terrorisme willen financieren.

Volgens Privacy First is het register niet proportioneel: “99,99 procent van de UBO’s heeft niets met witwassen of financiering van terrorisme te maken. Als het al proportioneel is om informatie over UBO’s te verzamelen, dan zou het voldoende moeten zijn als die informatie beschikbaar is voor die overheidsdiensten die zich bezighouden met de bestrijding van witwassen en terrorisme. Het gaat te ver om die informatie volledig openbaar te maken.”

Ook vanuit het bedrijfsleven is kritiek. Zo zouden UBO’s van familiebedrijven die tot nu toe buiten de openbaarheid bleven privacy- en veiligheidsrisico’s lopen. Daarnaast zou het tot last zijn van verenigingen en stichtingen die geen eigenaren kennen.

Privacy First stelt dat het UBO-register in strijd is met het grondrecht op privacy en de bescherming van persoonsgegevens. De privacystichting wil dat de Nederlandse rechter het UBO-register op korte termijn buiten werking stelt en zo nodig om uitleg vraagt bij het Hof van Justitie van de Europese Unie.

Lees meer op security.nl