De Autoriteit Persoonsgegevens heeft op drie punten bezwaar tegen de wetgeving, zegt Wolfsen. “De data zijn nog niet onvoorwaardelijk geanonimiseerd, het nut en de noodzaak worden onvoldoende onderbouwd en de waarborgen die we hebben geadviseerd zijn onvoldoende in de wet opgenomen.”

Wolfsen benadrukt wel dat zijn organisatie niet op voorhand het gebruik van de data uitsluit. “Wij zien ook wel de ernst van de pandemie in”, zegt hij. Volgens hem is het belangrijk dat de regering nu onderzoekt hoe de bezwaren kunnen worden weggenomen.

Vorige week meldde de NOS dat er bij providers ook zorgen leven over het wetsvoorstel. Bronnen in de telecomindustrie zeggen dat het wetsvoorstel betekent dat providers een nieuwe database moeten aanleggen. Hierin moet worden bijgehouden waar onder meer een smartphone, en dus een persoon, elk uur in de afgelopen dertig dagen is geweest.

De zorg is onder meer dat deze gegevens interessant kunnen zijn voor opsporingsdiensten. Ook brengt het aanvullende kosten met zich mee. Het kabinet liet eerder in antwoord op Kamervragen al weten dat de extra dataverzameling bij providers “proportioneel” is vanwege het doel dat het heeft.

Wolfsen herkent de zorgen van de providers. “Dat is ook waar wij op aanslaan. Ze moeten aanvullende gegevens gaan bewerken. Heel Nederland kan daarmee onder surveillance komen te staan, daar moet je heel alert op zijn. De providers zijn de specialisten. Als zij al bezorgd zijn, zijn wij het helemaal.”

‘Het kan lekken’

“Als zo’n database gecreëerd wordt, kan het lekken”, zegt hij. “Dan kunnen anderen daarbij en kun je het combineren met andere data. Dat is echt link.” Het kabinet heeft eerder aangegeven dat het niet verwacht dat de data interessant zullen zijn voor opsporingsdiensten. “Dat het kabinet zegt dat het waarschijnlijk niet interessant zal zijn, stelt mij niet gerust”, zegt Wolfsen.

Lees meer op nos.nl